Terug naar overzicht

De groeiende rol van duurzaamheid in de concurrentie tussen havens

27 oktober 2016

Europese havens zijn drukke knooppunten voor het vervoer van producten van over de hele wereld. Maar liefst 99 procent van alle consumentengoederen worden per container vervoerd. Havens in Europa zijn voor een groot deel de motoren van de nationale economie; zodoende is er een hevig concurrentiestrijd gaande tussen verschillende havens in Europa. Helaas zit er ook een keerzijde aan het transport ter water: de grote schepen brengen veel vervuiling met zich mee. Zowel door de schepen zelf als het transport van goederen en mensen in de haven zelf.  Dit is in stedelijke gebieden, meer dan op andere plekken, hinderlijk voor mens en milieu.

Stille sluipmoordenaar

Hoewel schepen doorgaans worden gezien als relatief milieuvriendelijk vervoermiddel, zijn ze minder onschuldig dan ze lijken, vergeleken met bijvoorbeeld vliegtuigen. Traditionele schepen die op fossiele brandstoffen varen, stoten hoge concentraties luchtverontreinigende substanties uit. De geschatte hoeveelheid zwaveldioxide (SO2) in de zeeën die aan Europa grenzen, afkomstig van internationale scheepvaart, bedraagt 2,3 miljoen ton per jaar. De hoeveelheid stikstofdioxide (NOx) komt neer op 3,3 miljoen ton en de hoeveelheid fijnstof (PM) op 250.000 ton. Als er niets verandert de komende jaren, zal de uitstoot in 2020 met 40 tot 50 procent groeien.

Terwijl er al jaren aan de weg wordt getimmerd om auto’s en vrachtwagens schoner te maken, zijn er nog nauwelijks vergelijkbare pogingen gedaan om de scheepvaart schoon te maken. En dit is vreemd. Volgens de non-gouvernementele organisatie Transport & Environment is brandstof voor schepen “2.700 keer viezer dan diesel voor wegverkeer. Toch betaalt Europa jaarlijks 35 miljard euro voor wegvervoer, terwijl schepen varen op belastingvrije brandstof.”

Volgens nieuw onderzoek zijn onder andere NOx en fijnstof afkomstig van scheepsuitstoot verantwoordelijk voor longkanker en hartziekten. Dit kost Europese zorgvoorzieningen jaarlijks 58 miljard euro. Als stille sluipmoordenaar zorgen deze stikstofoxiden en roetuitstoot jaarlijks voor 60.000 doden. Mensen in kust- en havengebieden lopen extra risico. Er is echter ook een lichtpuntje: volgens het eerder genoemde onderzoek kan het aantal slachtoffers drastisch verminderd worden door de uitstoot te filteren/te verminderen.

Schone lucht begint bij schone brandstof

Naast het feit dat schepen gebruik kunnen maken van filters en aanpassingen kunnen doen aan de motor, is er een betere, meer efficiënte oplossing die lokale luchtkwaliteit verbetert door het voorkomen van NOx- en roetuitstoot: alternatieve brandstoffen. Het gebruik van schone brandstoffen, zoals CNG en LNG, kan luchtvervuiling door schepen met om en nabij 75 procent verminderen. En dan hebben we het nog niet eens over de vermindering van de CO2-uitstoot, iets dat de opwarming van de aarde moet tegengaan.

Sommige havens nemen het voortouw in verduurzaming en investeren al volop in technologie die de luchtkwaliteit verbetert. Andere havens  lopen het risico de boot te missen, en doen er daarom goed aan om zich meer te verdiepen in de mogelijkheden die schone brandstoffen bieden. Een nieuwe generatie bedrijven, zoals PitPoint, is gespecialiseerd in clean fuels en de aanleg van infrastructuur voor CNG/Groengas, LNG, elektrisch en waterstof,  voor zowel scheepvaart als de lokale haven voertuigen. Belangrijk voor de havens in Europa is dat deze bedrijven zich profileren door schone alternatieven aan te bieden voor de traditionele scheepsbrandstoffen.

Eenvoudige oplossing voor iedere type schip

De toepassing van CNG/ Groengas  en LNG is uitmate geschikt voor zowel schepen als wegtransport.  Schepen en vervoer in stedelijke havengebieden kunnen profiteren van de infrastructuur van de stad. Een verduurzaming van de infrastructuur voor brandstoffen zorgt op deze manier ook voor een verduurzaming van de scheepvaart en een schonere lucht.

Afhankelijk van het type schip zijn er schone brandstoffen beschikbaar die fossiele scheepsbrandstoffen kunnen vervangen. Voor schepen die in de haven  een vaste route varen binnen stedelijke havens is CNG/Groengas uitermate geschikt. Voor deep sea –, inland shipping en langeafstandsverkeer  over de weg vormt LNG weer een schoner alternatief. Door vaste tankpunten voor deze groene brandstoffen aan te leggen kunnen veerboten en voertuigen altijd aangesloten worden. Op deze manier worden in één klap het personenvervoer, de bedrijvigheid, de transportsector, de haven en de industrie schoner gemaakt.havenblogfoto

 

 

 

 

 

Overstappen naar alternatieve brandstoffen is beter voor mens en milieu, maar het is ook commercieel interessant. De total cost of ownership (TCO, alle kosten die gebruik van een product met zich meebrengen) van LNG, CNG/Groengas is voor bepaalde scheepstypes goed vergelijkbaar met die van diesel. Bovendien zijn de kapitaalkosten voor de infrastructuur van CNG/Groengas  helemaal beperkt als men die tegelijkertijd beschikbaar stelt voor schepen en lokaal vervoer. Zo kunnen lokale haven-, veer- en taxibedrijven gebruik maken van dezelfde infrastructuur. En zo kan een LNG-station brandstof leveren aan de schepen, maar ook aan vrachtwagens die de ladingen verder landinwaarts vervoeren.

Voordelen niet onopgemerkt

De populariteit van Groengas (CNG) en LNG stijgt snel. Inmiddels kiest 28 procent van de 70 Europese OV-operators (goed voor 70.000 bussen in Europa) in nieuwe aanbestedingen voor CNG/Groengas. Ook kiest de veerboot Texelstroom voor deze duurzame brandstof. Het zijn dan ook waardige vervangers van diesel, zowel voor in het openbaar vervoer, pakketbezorging en stadsdistributie op de weg als in de scheepvaart. Voor vrijwel elk type vervoer kan de transitie worden gemaakt van diesel naar een alternatieve, duurzame brandstof.

De druk op havens om duurzamer te worden groeit. Sterker nog, duurzaamheid zal in de toekomst een belangrijke rol spelen in de concurrentie tussen havens. Diverse havens zijn al bezig met de aansluiting op schone brandstoffen. Om concurrerend te blijven moeten havens zoals Rotterdam, Antwerpen en Hamburg verder groeien en slim inzetten op duurzaamheid in de totale logistieke keten.